Gemeente Barneveld

 Politieke partij

Schriftelijke vragen Lokaal Belang en VVD aangifte Actiecomite Voorthuizen Windmolens NEE


Geacht College, 

Op basis van de organisatieverordening van de gemeenteraad artikel 42, stellen de fracties van Lokaal Belang en de VVD schriftelijke vragen aangaande het artikel in de Barneveldse Krant van vandaag (12 nov) met de titel “Aangifte van Actiecomité Voorthuizen Windmolens NEE tegen wethouder en ambtenaar”.  
 
In het bedoelde artikel in de Barneveldse Krant komt naar voren dat het college van mening is dat haar ambtenaar in dit dossier telefonisch is bedreigd door een bestuurslid van het Actiecomité Voorthuizen windmolens NEE. Daartegenover stelt het bestuurslid van het actiecomité ten onrechte te worden beschuldigd en heeft hij om die reden aangifte gedaan van smaad en laster.  
Uiteraard is het bedreigen van ambtenaren een kwalijke zaak. Maar juist omdat dit een ernstige beschuldiging is, is het ook van belang dat deze gefundeerd is. Nu het hier verder gaat om een persoon die een actiegroep vertegenwoordigt, welke ook politieke relevantie heeft, vinden wij het van belang de onderstaande vragen te stellen om de ontstane situatie beter te kunnen duiden. 
 

  1. In haar mail d.d. 1-11-19 (vrijdagavond) deelt de wethouder aan het bestuurslid van het actiecomité en anderen mee dat de samenwerking met het Actiecomité wordt opgeschort i.v.m. het intimideren c.q. bedreigen van medewerkers.  
    a. Graag vernemen wij van het college o.g.v. welke geschreven of gesproken woorden de ambtenaar en het college tot de conclusie zijn gekomen dat er sprake is van een bedreiging?  
    b. Of moeten wij uit uw reactie op het artikel in de Barneveldse Krant begrijpen dat u bij nader inzien vindt dat er geen sprake is geweest van bedreiging van een ambtenaar maar van een probleem in de communicatie? 
     
  2. In de e-mail d.d. 2-11-19 (zaterdag) met als onderwerp “overleg 5 november gaat niet door” doet de desbetreffende ambtenaar aan drie externe personen zijnde de heren Veltman, Lam en Bakker (mediator) onder meer de mededeling “Helaas vond de heer (bestuurslid van het Actiecomité) het nodig hierbij bedreigingen te uiten aan mijn adres. Wij hebben daarom het protocol in werking gesteld dat wij hebben voor dit soort situaties. Ook heb ik overleg gehad met de politie. Gezien de situatie hebben wij ieder overleg met het Actiecomité opgeschort en verwacht ik niet dat het geplande overleg op een later moment alsnog kan plaatsvinden.”
    a. Heeft deze ambtenaar deze mededeling gedaan onder de verantwoordelijkheid van het College?  
    b. Heeft het college de ambtenaar actief de opdracht gegeven tot het schrijven van deze e-mail? 
     
  3. Waarom maakt de ambtenaar in deze e-mail, die de functie heeft om mee te delen dat een gesprek geen doorgang vindt en mede is gericht aan de advocaat van het Actiecomité, tevens bekend dat er sprake zou zijn van een geuite bedreiging? Waarom was deze toevoeging noodzakelijk?
     
  4. Mogen ambtenaren op deze wijze een beschuldiging t.a.v. burgers naar buiten brengen voordat die beschuldiging is onderzocht en onafhankelijk is vastgesteld? Graag ook een toelichting op uw antwoord. 
     
  5. Zo nee, wat gaat het college doen om dit in de toekomst te voorkomen? In de relatie overheid-burger zijn burgers immers inherent de zwakkere partij. En een beschuldiging van bedreiging heeft grote consequenties voor de betrokken burger. Het lijkt ons om die reden niet wenselijk om dit soort beschuldigingen te delen met derden. 
     
  6.  Wat gebeurt er als op enig moment blijkt dat een burger door het college of een ambtenaar ten onrechte is beschuldigd? Is er een “protocol” om alsdan de naam van die burger te zuiveren zodat hij/zij hiervan privé en zakelijk zo min mogelijk schade ondervindt?
     
  7. Realiseerde de wethouder zich dat intimidatie en bedreiging zware beschuldigingen zijn, toen zij haar email d.d. 1 november jl. deelde met derden?
     
  8. Waarom heeft de wethouder deze beschuldigingen geuit alvorens deze zijn onderzocht en onafhankelijk zijn vastgesteld?
     
  9. Wij lezen in de reactie van het college dat de samenwerking is opgeschort vanwege de wijze van communicatie vanuit het Actiecomité. Hoe moeten wij dit lezen?  
    a. Betreft het hier de communicatie met één bestuurslid?
    b. Zo ja, heeft de gemeente dan vervolgens gevraagd of een ander bestuurslid bij het overleg van 5 november aanwezig kon zijn? Als er geen ander bestuurslid is gevraagd, wat is hiervan dan de reden? 
     
  10. Wij lezen verder in uw reactie: “Wij hebben er vanuit de gemeente alles aan gedaan om met het Actiecomité tot overeenstemming te komen.” Kunt u aangeven wat het college concreet allemaal heeft gedaan?  
     
  11. Tot slot, op welke wijze denkt het college gevolg te geven aan de beloften die aan de gemeenteraad op 9 oktober zijn gedaan? 


Vriendelijke groeten, 
 
Namens de fractie van Lokaal Belang,
Gonda Lenters 
 
Namens de fractie van de VVD,
Sandra Reemst