Schriftelijke vragen LB over geheimhouding grondbank Otelaarseweg
Geacht College,
Op basis van artikel 41 van de Organisatieverordening van de gemeenteraad stelt de fractie van Lokaal Belang schriftelijke vragen over
A. de geheimhouding op het locatieonderzoek voor de nieuwe grondbank aan de Otelaarseweg en
B. de wijze waarop wordt omgegaan met geheimhouding van informatie die aan de gemeenteraad is verstrekt.
Tijdens de commissievergadering van 24 september 2026 heeft Lokaal Belang de geheimhouding op het locatieonderzoek Otelaar aan de orde gesteld. De inspraak namens omwonenden en de beantwoording van de vragen geven onze fractie aanleiding tot aanvullende vragen. Het college heeft aangegeven dat de geheimhouding noodzakelijk blijft zolang niet definitief vaststaat dat de grondbank aan de Otelaarseweg gerealiseerd kan worden. Wanneer deze locatie alsnog afvalt, kunnen andere onderzochte locaties opnieuw in beeld komen. Openbaarmaking daarvan zou volgens het college de onderhandelings- en verwervingspositie van de gemeente kunnen schaden. Tegelijkertijd is bevestigd dat het in dit geval aan de gemeenteraad is om de geheimhouding op aan de raad verstrekte informatie op te heffen. De geheimhouding duurt voort zolang de raad die niet opheft. Het college geeft advies. De beantwoording van deze vragen kan wat Lokaal belang betreft dan ook als zo’n advies worden beschouwd.
Voor Lokaal Belang is openbaarheid altijd het uitgangspunt. Geheimhouding gebeurt alleen wanneer noodzakelijk. Geheimhouding moet zo beperkt mogelijk worden toegepast en niet langer voortduren dan noodzakelijk. Om als gemeenteraad in dit dossier een zorgvuldige afweging te kunnen maken, moet duidelijk zijn welk belang geheimhouding nu nog dient en wanneer aanleiding bestaat dit opnieuw te beoordelen.
A. Locatieonderzoek nieuwe grondbank Otelaarseweg
1. Noodzaak en omvang geheimhouding
Kan het college concreet aangeven welke onderdelen van het locatieonderzoek op dit moment volgens het college nog geheim moeten blijven en welk belang door openbaarmaking van die onderdelen zou worden geschaad? Kan het college daarbij onderscheid maken tussen:
• concrete alternatieve locaties en grondposities;
• de gebruikte beoordelingscriteria en scoringsmethodiek;
• inhoudelijke afwegingen op het gebied van onder andere verkeer, milieu, landschap en ruimtelijke ordening?
2. Alternatieve locaties en gedeeltelijke openbaarmaking
In het locatieonderzoek zijn tientallen locaties beoordeeld. Tijdens de commissiebehandeling heeft het college aangegeven dat andere locaties opnieuw in beeld kunnen komen wanneer de Otelaarseweg alsnog afvalt. Lokaal Belang begrijpt dat gegevens over locaties die dan nog een reëel alternatief vormen, mogelijk geheim moeten blijven. Dat hoeft niet zonder meer te gelden voor het gehele onderzoek.
- Kan het college, zonder de betreffende locaties te benoemen, aangeven hoeveel onderzochte locaties op dit moment nog als reëel alternatief voor de Otelaarseweg worden beschouwd en op basis van welke criteria?
- Kan de geheimhouding worden beperkt tot informatie waarvan openbaarmaking de positie van de gemeente bij zulke reële alternatieven daadwerkelijk zou schaden?
- Zo ja, welke onderdelen van het locatieonderzoek kunnen dan, zo nodig met weglakking van locatiegegevens, openbaar worden gemaakt en wanneer?
- Zo nee, welk concreet belang verzet zich tegen openbaarmaking van de overige onderdelen van het onderzoek?
3. Rechtsbescherming en informatiepositie omwonenden
Tijdens de commissiebehandeling is bevestigd dat wanneer het locatieonderzoek pas openbaar wordt nadat de vergunning onherroepelijk is geworden, belanghebbenden deze informatie niet meer kunnen gebruiken in het kader van rechtsbescherming tegen die vergunning.
- Hoe weegt het college dit gegeven in relatie tot de informatiepositie van omwonenden en de inmiddels verstreken tijd sinds het besluit over de voorkeurslocatie in oktober 2024?
- Welke informatie uit het locatieonderzoek kan volgens het college vóór het onherroepelijk worden van de vergunning openbaar worden gemaakt, zodat inwoners deze informatie nog daadwerkelijk kunnen betrekken bij participatie en eventuele rechtsbescherming? Is het college bereid die informatie openbaar te maken? Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet?
4. Gewijzigde ruimtebehoefte?
Tijdens de inspraak is door omwonenden gesteld dat bij de oorspronkelijke berekening van de benodigde oppervlakte voor de grondbank mogelijk van een onjuist uitgangspunt is uitgegaan en dat inmiddels minder ruimte nodig zou zijn.
Herkent het college deze constatering?
- Zo ja, wat is gewijzigd in de benodigde oppervlakte en heeft deze wijziging gevolgen voor de oorspronkelijke vergelijking en rangschikking van de onderzochte locaties?
- Is onderzocht of locaties die destijds lager scoorden bij de huidige ruimtebehoefte anders zouden worden beoordeeld?
- Zo nee, waarom is dit niet onderzocht en is het college bereid dit alsnog te doen?
B. Omgang met geheimhouding
De behandeling van deze casus roept voor Lokaal Belang ook de vraag op hoe de gemeenteraad structureel zicht krijgt en houdt op informatie waarop geheimhouding rust. Sinds 1 april 2023 bepaalt artikel 89, vierde lid, van de Gemeentewet dat de geheimhouding op aan de raad verstrekte informatie voortduurt totdat de raad haar opheft. De raad moet daarom over voldoende informatie beschikken om te kunnen beoordelen of en wanneer voortduring noodzakelijk is.
5. Periodieke herbeoordeling
Beoordeelt het college periodiek of de geheimhouding op informatie die het aan de raad heeft verstrekt nog noodzakelijk en proportioneel is, en adviseert het de raad wanneer opheffing of beperking daarvan aan de orde is?
- Zo ja, hoe vaak vindt deze beoordeling plaats, wie voert haar uit en hoe en wanneer wordt de raad over de uitkomst geïnformeerd?
- Zo nee, waarom niet en is het college bereid een vaste werkwijze voor beoordeling en advisering aan de raad in te richten?
6. Overzicht geheimhouding
Kan het college de gemeenteraad een niet-geheim overzicht verstrekken van de dossiers en stukken die aan de raad zijn verstrekt en waarop momenteel geheimhouding rust? Graag daarin, uiteraard zonder de geheimhouding zelf te doorbreken, per dossier of stuk vermelden:
• korte omschrijving van het dossier;
• de datum waarop de geheimhouding is opgelegd;
• door welk bestuursorgaan de geheimhouding is opgelegd;
• de wettelijke grondslag voor de geheimhouding en een toelichting;
• welk belang met de geheimhouding wordt beschermd;
• wanneer de noodzaak van geheimhouding voor het laatst is beoordeeld; en
• het beoogde moment of de omstandigheden waaronder de geheimhouding opnieuw wordt beoordeeld.
Is het college bereid dit overzicht halfjaarlijks te updaten en aan de raad te sturen?
Ziet het college nog andere manieren om de gemeenteraad beter dan nu in staat te stellen haar taak ten aanzien van geheimhouding serieus te nemen?
Vriendelijke groeten,
Namens de fractie van Lokaal Belang,
Carin Oltvoort
Met dank aan raadscommissielid Nadeche van Veen
Barneveld, 29 september 2026

